De quantummechanica is een succesvolle maar erg tegenintuïtieve theorie. In Leiden doen natuurkundigen experimenten om de vreemde fundamenten van de quantummechanica te doorgronden.

Quantummechanica beschrijft met grote precisie het gedrag van de allerkleinste deeltjes. Je kan er de fijnste structuren van atomen en moleculen mee beschrijven en chemische reacties mee voorspellen. Maar de vertaling van die quantumtheorie naar de ‘klassieke’ realiteit die wij zien en ervaren, is soms wat tegenintuïtief.

Dat komt doordat de quantumwereld die de quantummechanica beschrijft, verschilt van de klassieke wereld die wij zien als we metingen doen aan quantumsystemen. De theorie gaat over kansverdeling: er is bijvoorbeeld een bepaalde kans om een deeltje ergens te vinden. Maar de kans bestaat ook dat je het deeltje ergens anders meet. Het is alsof de quantummechanica ons vertelt dat een deeltje op twee (of meer) plekken tegelijkertijd kan zijn. Maar in de klassieke wereld zie en meet je nooit een deeltje op twee plekken tegelijkertijd.

Lees verder op: Newscientist